Leestijd: 7 minuten
Eén gemeenschap, of toch niet?
Wat hebben al die letters onder de lhbti+ paraplu eigenlijk nog met elkaar gemeen?
BLOG
De lhbti+ gemeenschap wordt vaak voorgesteld als één grote gemeenschap. Een groep mensen die samen opkomt voor gelijkwaardigheid, acceptatie en het recht om jezelf te kunnen zijn. Maar als je goed kijkt naar wat er onder die grote paraplu valt, zie je iets bijzonders.
Steeds meer groepen, identiteiten en ervaringen hebben er een plek onder gekregen. Lesbisch, homoseksueel, biseksueel, transgender, intersekse, queer en nog verschillende andere identiteiten.
🔹Allemaal met hun eigen geschiedenis.
🔹Allemaal met hun eigen ervaringen.
🔹En allemaal met hun eigen belangen.
Maar dan ontstaat er bij mij een vraag: Is het nog eigenlijk één gemeenschap, of moeten we het zien als verschillende gemeenschappen die onder één paraplu ongevraagd zijn samengebracht?
Ja, als je het mij vraagt wel.
Maar willen we dat?
En geldt dat voor iedereen.
Nee,... Ik i.i.g niet.
Wordt ik ermee geconfronteerd in het dagelijks leven?
Ja,.. want omgeving vullt in dat zo'n regenboog pride wel of niet nodig is en ook ik vast ieder jaar op zo'n bootje staat te paraderen en te wapperen met m'n vlaggetje. Nee,.. Toevallig niet. Mag ik alsjeblieft ook een rustig leven leiden? Net zoals ieder ander? Zonder al die aandacht? Want heel eerlijk, op dat deel begrijp ik de samenleving. Het wordt teveel, no more letters please, no more colors please!
Een grote paraplu
Een paraplu kan bescherming bieden en kan ervoor zorgen dat verschillende mensen samen zichtbaar zijn en elkaar kunnen ondersteunen. Dat heeft natuurlijk waarde. Maar onder dezelfde paraplu staan betekent niet automatisch dat iedereen hetzelfde is.
- Een homoseksuele man heeft een andere ervaring dan een transgender vrouw.
- Een lesbische vrouw heeft andere vragen dan iemand die intersekse is.
- En iemand die biseksueel is, loopt weer tegen andere dingen aan.
Dat is geen probleem. Sterker nog: juist die verschillen horen bij diversiteit.
- Maar waarom laten ze het zo zien dat al die verschillende ervaringen één geheel vormen?
- Wat hebben al die verschillende ervaringen eigenlijk met elkaar gemeen?
Wat hebben seksuele oriëntatie en genderidentiteit eigenlijk met elkaar gemeen?
- Een homoseksuele man wordt aangetrokken tot mannen.
- Een lesbische vrouw wordt aangetrokken tot vrouwen.
- Een biseksueel persoon kan zich aangetrokken voelen tot meerdere geslachten.
- Een transgender persoon heeft daarentegen te maken met een heel ander onderwerp: de verhouding tussen genderidentiteit en het geslacht waarmee iemand is geboren.
Dat zijn verschillende onderwerpen. Toch zijn ze in de loop van de tijd steeds meer onder één beweging en één afkorting terechtgekomen.
Waarom eigenlijk?
En belangrijker: Moeten we daar kritisch naar durven kijken zonder dat dit meteen wordt gezien als afwijzing van één van die groepen?
Solidariteit betekent toch niet hetzelfde denken?
Je hoeft immers niet hetzelfde mee te maken om begrip voor elkaar te hebben. Maar solidariteit betekent naar mijn idee niet dat je het automatisch met elkaar eens moet zijn. Je kunt iemand steunen in zijn of haar recht om zichzelf te zijn en tegelijkertijd een andere mening hebben over bepaalde onderwerpen. Dat zou toch juist bij een diverse gemeenschap moeten kunnen. Diversiteit betekent immers ook verschil. En verschil betekent soms dat mensen anders denken.
Mag je binnen de paraplu ook uitstappen?
Daar zit voor mij een interessant spanningsveld. Kun je je bijvoorbeeld wel herkennen in het transgendergedeelte, maar niet in alles wat de bredere lhbti+ beweging uitdraagt? Kun je zeggen: "Ik ben transgender, maar ik voel mij niet vertegenwoordigd door alles wat onder lhbti+ wordt gezegd of gedaan?" En zo ja, waarom zou dat een probleem zijn? Je hoeft toch niet automatisch een volledige beweging te omarmen omdat een onderdeel daarvan bij jouw eigen leven hoort? Ik vind dat daar meer ruimte voor zou mogen zijn.
Steeds meer letters, steeds meer verhalen
De afkorting is in de loop der jaren steeds langer geworden. Dat is waarschijnlijk ontstaan vanuit de wens om niemand buiten te sluiten. Maar daar ontstaat ook een interessante paradox.
Hoe meer groepen we toevoegen, hoe groter de diversiteit binnen de paraplu wordt. En hoe groter die diversiteit wordt, hoe moeilijker het misschien wordt om te spreken over één gezamenlijke ervaring.
Kun je nog zeggen: "Dit is wat de lhbti+ gemeenschap vindt"?
Of is het beter door te zeggen: "Dit is wat een deel van de gemeenschap vindt"?
Dat lijkt misschien een klein verschil in formulering. Maar eigenlijk is het een behoorlijk belangrijk verschil.
Hebben alle groepen dezelfde belangen?
Dat is misschien nog wel de lastigste vraag. Hebben alle groepen onder de paraplu dezelfde belangen? Waarschijnlijk niet.
- Een homoseksuele man kan bijvoorbeeld vooral bezig zijn met acceptatie van zijn seksuele oriëntatie.
- Een transgender persoon kan te maken krijgen met vragen over identiteit, medische zorg, sociale transitie en lichamelijke veranderingen.
- Een intersekse persoon heeft weer een heel andere geschiedenis en andere vraagstukken.
Dat betekent niet dat deze onderwerpen niet naast elkaar mogen bestaan. Maar misschien moeten we juist erkennen dat verschillend zijn ook betekent dat je verschillende behoeften kunt hebben.
Wie spreekt namens de gemeenschap?
Nog een vraag waar ik benieuwd naar ben.
Wanneer een organisatie zegt: "De lhbti+ gemeenschap vindt..." Over wie hebben ze het dan eigenlijk?
Is het realistisch dat er namens mij als persoon met genderdysforie wordt gesproken? Of namens een bepaalde groep? En hoe weten we dat?
Want misschien zijn er wel heel veel mensen die een andere mening hebben, en minder zichtbaar zijn. Niet omdat ze niets te zeggen hebben. Maar omdat ze misschien niet het gevoel hebben dat daar ruimte voor is.
Een andere mening maakt je niet minder jezelf. Dit sluit ook aan bij mijn vorige blog. Want misschien is dat uiteindelijk wel het belangrijkste punt. Je kunt transgender zijn en een andere mening hebben.
- Je kunt homoseksueel zijn en een andere mening hebben.
- Je kunt intersekse zijn en een andere mening hebben.
- Je kunt jezelf onderdeel voelen van de lhbti+ gemeenschap en toch kritisch zijn op delen van die gemeenschap.
Dat zou niet vreemd moeten zijn. Dat zou juist normaal moeten zijn.
Een gemeenschap die ruimte vraagt voor diversiteit, zou ook ruimte moeten kunnen geven aan diversiteit van meningen.
- Misschien is het niet één gemeenschap.
- Misschien hoeft je helemaal niet te kiezen.
- Misschien kan je erkennen dat er verschillende gemeenschappen zijn die elkaar op bepaalde momenten vinden.
Een beetje zoals verschillende eilanden die met bruggen met elkaar verbonden zijn. De eilanden zijn niet hetzelfde. Maar de bruggen zorgen ervoor dat je elkaar kunt bereiken. Misschien is dat wel een betere manier om naar lhbti+ te kijken. Niet: "Wij zijn allemaal hetzelfde." Maar:"Wij zijn verschillend, en toch kunnen we elkaar respecteren." En misschien is dat juist de kracht.
Misschien mogen we juist zeggen:
- Wij hebben verschillende verhalen.
- Wij hebben verschillende ervaringen.
- Wij hebben verschillende belangen.
En ja...wij zijn het soms met elkaar oneens. Maar dat hoeft niet automatisch te betekenen dat we tegenover elkaar staan. Want acceptatie betekent naar mijn idee niet dat je iedereen hetzelfde moet vinden.
Respect betekent ook niet dat je het met iedereen eens moet zijn. En solidariteit betekent niet dat je je eigen mening moet opgeven.
Misschien begint echte inclusie juist daar. Bij het moment waarop iemand binnen de paraplu kan zeggen: "Ik denk hier anders over." Zonder dat die persoon daardoor meteen buiten de paraplu wordt gezet.
De lhbti+-paraplu is groot geworden. Misschien wel groter dan ooit.
Maar hoe groter de paraplu wordt, hoe belangrijker het wordt om niet te vergeten dat de mensen eronder allemaal hun eigen verhaal hebben.
Dus misschien moet je als belangenorganisatie niet vragen: "Hoe krijgen we iedereen onder dezelfde paraplu?" Maar ook: "Is er onder die paraplu voldoende ruimte om verschillend te zijn?"
Waar ligt het probleem eigenlijk?
Binnen belangenorganisaties wordt veel over discriminatie, uitsluiting en gebrek aan acceptatie gesproken. Maar soms vraag ik me iets af. Hoe zit het binnen de LHBTI-community zelf? Want juist binnen de regenbooggemeenschap lijken verschillende groepen elkaar niet altijd te begrijpen. Andere meningen worden soms afgewezen, ervaringen worden tegenover elkaar gezet en mensen kunnen zelfs worden buitengesloten omdat ze anders denken. Dan ontstaat een ongemakkelijke vraag: Waar ligt het probleem dan?
- Bij de samenleving?
- Bij de maatschappij?
Of moet je als belangenorganisatie ook eerlijk durven kijken naar wat er binnen een eigen community gebeurt?
Acceptatie kan toch niet alleen gelden wanneer iemand hetzelfde denkt als jij? Misschien begint echte acceptatie wel daar waar we elkaar ruimte geven om anders te zijn, anders te denken en een andere ervaring te hebben. Althans, zo wordt het naar buiten gebracht. Maar gebeurt dat ook binnen een gemeenschapscomminity? Nee,...
Want als je van een samenleving acceptatie, begrip, geen discriminatie verwacht, moet je dat dan niet eerst bij je zelf beginnen door een groot probleem op te lossen en het goede voorbeeld laten zien wat je als community uitdraagt?
Je kunt vanuit de gemeenten allerlei regenboog bankjes, oversteek paden en vlaggen aan de gevels hangen maar hoe ga je als belangenorganisatie duidelijk maken dat er binnen jouw community regels ook regels zijn? Want echter, discriminatie blijft discriminatie. Tevens wanneer het gebeurt door mensen binnen een lhbti gemeenschap zijn er wel verbeterpunten te vinden dat het anders moet.
Misschien begint echte verandering daarom niet alleen bij de samenleving maar ook bij jezelf.
Acceptatie betekent niet: accepteren wat bij jou past. Acceptatie betekent: ruimte laten voor wat anders is. Binnen de regenboog community zijn bepaalde groepjes die geen begrip hebben voor elkaar, elkaar discrimineren, elkaar uitsluiten en elkaar niet willen accepteren. Want zo'n onderzoek wat vanuit belangenorganisaties jaarlijks naar buiten komt over: discriminatie, geen begrip, uitsluiting, geen acceptatie e.d. kan na mijn inziens niet alleen maar vanuit een samenleving komen vanuit beledigen, haat reacties op social media wat je tegen komt. Je zal zo'n onderzoek in een breder perspectief moeten toe lichten.
Research geschiedenis
In de jaren 80 is mij enigzins bij gebleven dat de roze driehoek een absolute transformatie was. Ik was net 16 jaar toen ik binnen het uitgaansleven in Utrecht een andere wereld in kwam. Ik was nog zoekende en kwam voornamelijk in die tijd homo's, lesbiennes en bi personen tegen. Woorden als transseksualiteit was in die tijd nog helemaal niet ten sprake, waardoor ik mij niet helemaal thuis voelde in dat wereldje, ik voelde geen connectie. Voor mij was het duidelijk geworden dat ik het niet kon vinden in deze hoek, de vraag bleef in mijn gedachten, 'ben ik de enige die diep van binnen een jongen is?'.
Het symbool de roze driehoek veranderde van een pijnlijk historisch nazi-teken definitief in een krachtig geuzensymbool van trots, verzet en zichtbaarheid binnen de lhb gemeenschap. Deze mix van politiek activisme en uitbundig uitgaan vormde de kern van het roze nachtleven in die tijd.
In nazi-Duitsland werd de roze driehoek gebruikt om homoseksuele mannen in concentratiekampen te stigmatiseren. In de jaren 70 en 80 draaide de gemeenschap dit symbool bewust om (vaak met de punt naar boven). Mensen droegen de roze driehoek als speldje op hun kleding tijdens het uitgaan en demonstreren om te laten zien: wij zijn er, we zijn trots en we vechten voor onze rechten.
Activisme ontmoet uitgaan:
Roze Zaterdag
Uitgaan en activisme waren in de jaren 80 onafscheidelijk. Een voorbeeld hiervan is Roze Zaterdag, georganiseerd door het Roze Front. Dit evenement trok door het land (de 'Roze Karavaan') en combineerde een serieuze demonstratiemars overdag met gigantische feesten in de avond. Het was een reactie op de conservatieve buitenwereld, maar tegelijkertijd dé plek om bondgenoten te ontmoeten en samen feest te vieren. Het bekendste fysieke symbool hiervan werd het Homomonument in Amsterdam (onthuld in 1987), dat bestaat uit drie grote, roze granieten driehoeken.
Uitgaansleven in de jaren 80
Het uitgaansleven was destijds een veilige haven (safe space om jezelf te zijn), maar ook een plek van felle expressie:
De opkomst van de 'Flikker'-cultuur: Termen die voorheen als belediging werden gebruikt, werden als geuzennaam overgenomen. Er werden 'Flikkerfeesten' en 'Pottenbals' georganiseerd. Ook ontstonden er initiatieven zoals Flikkerradio.
Kleding en Identiteit: De roze driehoek was overal op de dansvloer te zien op jassen, shirts en tassen. De dresscode in de clubs was vaak grensverleggend, geïnspireerd door de opkomende punk-, new wave- en vroege housecultuur.
Amsterdam gold als de homohoofdstad, met iconische vroege locaties in en rond de Reguliersdwarsstraat en de feesten van het COC. Maar ook buiten de hoofdstad zoals actiegroep De Roze Driehoek in Eindhoven of feesten in Utrecht en Amersfoort bloeide de subcultuur op.
Geschiedenis: regenboog community
De regenboog is aan komen waaien vanuit Amerika ergens eind jaren 80 n.a.v een boek "Warriors of the Rainbow" geschreven in 1962 door William Willoya, Vinson Brown
Eind de jaren 80 zag je in Amerika steeds meer jongere 'Native activisten' protesteren als inheemse volk tegen discriminatie en geweld. Jonge activisten LHBT die zich tevens gediscrimineerd voelde vanwege hun geaardheid werd langzaam een olievlek wereldwijd.
Binnen de community wordt gesproken dat Gilbert Baker de bedenker van de regenboogvlag is. Dat verhaal is niet helemaal juist. Gilbert heeft het regenboog symbool gewoon gejat van de Native people n.a.v het boek in 1962. In 1987 heeft het COC de roze driehoek veranderd naar een rainbow vlag.
Research: archief
In 1978 kreeg Gilbert Baker in San Francisco de vraag van Harvey Milk (een van de eerste openlijk homoseksuele politici in de VS) om een nieuw symbool te ontwerpen voor de homogemeenschap. Dat was simpelweg niet door hemzelf bedacht maar inspiratie vanuit de inheemse protesten. Tot die tijd werd de roze driehoek vaak gebruikt, maar die had een pijnlijke geschiedenis omdat de nazi's deze in de Tweede Wereldoorlog gebruikten om homoseksuelen te brandmerken. In de jaren 80 was er ruim voldoende uitgaansgelegenheden binnen de LHB waar de roze driehoek om bekend stond.
Baker koos voor de regenboog omdat hij dit zag als een "natuurlijke vlag uit de hemel" en een perfect symbool voor diversiteit, kleurrijkheid en eenheid. De allereerste regenboogvlag werd op 25 juni 1978 gepresenteerd tijdens de Gay Freedom Day Parade in San Francisco. Terwijl de native activisten al jaren ervoor protesteerde met regenboog spandoeken tegen geweld en discriminatie.
Waar stonden de kleuren voor binnen de LHB?
De allereerste vlag had acht kleuren. Omdat de roze en turkooise stof destijds moeilijk leverbaar waren voor massaproductie, is de vlag later aangepast naar de bekende zes banen. Als we dat moeten geloven. Baker gaf elke kleur een specifieke betekenis:
- Roze: Seksualiteit (is later verwijderd)
- Rood: Leven
- Oranje: Genezing
- Geel: Zonlicht
- Groen: Natuur
- Turkoois: Kunst/Magie (is verwijderd)
- Blauw/Indigo: Sereniteit en harmonie
- Violet: Menselijke geest
Regenboog kleuren, betekenis bij Native indianen
Bij veel oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika (Native Americans) staat de regenboog symbool voor hoop, geluk, vrede en een heilige verbinding met de geestenwereld.
Algemene betekenis
- Pad naar de hemel: Veel stammen zien de regenboog als een ladder of een brug waarmee heilige geesten reizen, of waarlangs mensen naar de hemel kunnen klimmen.
- Teken van bescherming: De regenboog wordt vaak gezien als een beschermend teken van de natuur of goddelijke machten.
Verschillen per stam
Er is geen vaste, universele betekenis voor elke afzonderlijke kleur van de regenboog zoals bij de moderne regenboogvlag. Per volk verschilt het verhaal: Navajo: Zij geloven dat de regenboog het pad is van de Yei (heilige geesten). Je ziet de regenboog daarom vaak terug in heilige zandtekeningen.
Cherokee: In hun folklore wordt de regenboog gezien als de kleurrijke rand van de mantel van de zon.
Noordwestkust (zoals de Haida): Soms wordt de regenboog gebruikt als een krachtig symbool of familiewapen (clan crest).
Kortom, het heeft een behoorlijke geschiedenis door de jaren heen afgelegd en nog ligt de taboe op de voorgrond. Ik denk ook niet dat het ooit zal verbeteren of veranderen. De één ervaart de vlag als iets moois en de ander hoeft er niet mee geassocieerd te worden. De regenboog kennen we natuurlijk iets 'wat bij de aarde' hoort als symbool. Voor de één blijft dat zo, voor de ander betekent het erbij willen horen en anderen zien het als beide.
“Een andere mening mag er zijn. Een ander mens ook, want iemand beledigen is geen discussie.”
Protest tegen de 'Rainbow Family' (Culturele toeëigening)
Inheemse groepen in de VS protesteren al decennialhang fel tegen de zogenaamde Rainbow Family of Living Light. Dit is een alternatieve, hippie-achtige beweging die jaarlijks massale bijeenkomsten ("gatherings") organiseert in Amerikaanse natuurgebieden.
Het probleem: De Rainbow Family maakt gebruik van een fictieve, verzonnen "inheemse profetie" over de zogenaamde Rainbow Warriors (Regenboogkrijgers) om hun eigen levensstijl te rechtvaardigen.
Het protest: Inheemse academici, stamoudsten en activisten (onder andere van de Lakota en Hopi) veroordelen deze groepering officieel. Ze protesteren tegen de culturele uitbuiting, het nabootsen van heilige inheemse ceremonies en de vervuiling van beschermde, heilige inheemse grond tijdens de bijeenkomsten.
De afgelopen 15 jaar heb ik mij voornamelijk veel verdiept in de geschiedenis van de Hopi indianen over hun manier van leven en spiritualiteit. Zo'n 10 jaar geleden ging er op het internet ineens foto's en informatie rond waar ik zelf nooit iets over had gelezen en nooit over had gehoord. Afbeeldingen over de 'the two spirit people' wat afkomstig moest zijn vanuit de Hopi indianen. Ik ben er destijds in gaan geloven maar kreeg op ten duur ook mijn vraagtekens. Met de opkomst van A.I, wellicht al eerder en culturele uitbuiting hou ik het in het midden. Er zijn teveel dezelfde foto's van 'two spirit personen' die oud zijn. Voor die tijd is het onmogelijk dat er een groep fotografen een portret maakte van een persoon. Alle foto's zijn hetzelfde, vanuit dezelfde hoek en afstand genomen maar wel verouderd zijn. In mijn ervaring als fotograaf kan er maar 1 foto zijn, niet 2 of 3 foto's die exact hetzelfde zijn met een andere filter en vergeelde kader met verschillende datums.
Binnen de transgender en intersekse beweging vanuit Amerika zagen we destijds dus steeds meer trans-Native personen binnen de LHBTI protesten met regenboog vlaggen.
Foto uit 1871, volgens internet 'two spirit person'
Foto tussen 1849–1896, new Mexico (two spirit person)