Eén gemeenschap, of toch niet?

Wat hebben al die letters onder de lhbti+ paraplu eigenlijk nog met elkaar gemeen?

 

De lhbti+ gemeenschap wordt vaak voorgesteld als één grote gemeenschap. Een groep mensen die samen opkomt voor gelijkwaardigheid, acceptatie en het recht om jezelf te kunnen zijn. Maar als je goed kijkt naar wat er onder die grote paraplu valt, zie je iets bijzonders. 

Steeds meer groepen, identiteiten en ervaringen hebben er een plek onder gekregen. Lesbisch, homoseksueel, biseksueel, transgender, intersekse, queer en nog verschillende andere identiteiten.

-Allemaal met hun eigen geschiedenis.

-Allemaal met hun eigen ervaringen.

-En allemaal met hun eigen belangen.

Maar dan ontstaat er bij mij een vraag: Is het nog eigenlijk één gemeenschap, of moeten we het zien als verschillende gemeenschappen die onder één paraplu zijn samengebracht? 

Een grote paraplu

Een paraplu kan bescherming bieden. Hij kan ervoor zorgen dat verschillende mensen samen zichtbaar zijn en elkaar kunnen ondersteunen. Dat heeft natuurlijk waarde. Maar onder dezelfde paraplu staan betekent niet automatisch dat iedereen hetzelfde is. Een homoseksuele man heeft een andere ervaring dan een transgender vrouw. Een lesbische vrouw heeft andere vragen dan iemand die intersekse is. En iemand die biseksueel is, loopt weer tegen andere dingen aan. 

Dat is geen probleem. Sterker nog: juist die verschillen horen bij diversiteit. 

  • Maar waarom laten ze het zo zien dat al die verschillende ervaringen één geheel vormen? 
  • Wat hebben al die verschillende ervaringen eigenlijk met elkaar gemeen?

Dat vind ik misschien wel de interessantste vraag. 

 

Wat hebben seksuele oriëntatie en genderidentiteit eigenlijk met elkaar gemeen?

 

  • Een homoseksuele man wordt aangetrokken tot mannen.
  • Een lesbische vrouw wordt aangetrokken tot vrouwen.
  • Een biseksueel persoon kan zich aangetrokken voelen tot meerdere geslachten.
  • Een transgender persoon heeft daarentegen te maken met een heel ander onderwerp: de verhouding tussen genderidentiteit en het geslacht waarmee iemand is geboren.

Dat zijn verschillende onderwerpen. Toch zijn ze in de loop van de tijd steeds meer onder één beweging en één afkorting terechtgekomen.

Waarom eigenlijk?

En belangrijker: Moeten we daar kritisch naar durven kijken zonder dat dit meteen wordt gezien als afwijzing van één van die groepen?

Solidariteit betekent toch niet hetzelfde denken? 

Ik vind het mooi wanneer verschillende groepen elkaar ondersteunen. Je hoeft immers niet hetzelfde mee te maken om begrip voor elkaar te hebben. Maar solidariteit betekent naar mijn idee niet dat je het automatisch met elkaar eens moet zijn. Je kunt iemand steunen in zijn of haar recht om zichzelf te zijn en tegelijkertijd een andere mening hebben over bepaalde onderwerpen. Dat zou toch juist bij een diverse gemeenschap moeten kunnen?

 

Diversiteit betekent immers ook verschil. En verschil betekent soms dat mensen anders denken.

 

Mag je binnen de paraplu ook uitstappen

Daar zit voor mij een interessant spanningsveld. Kun je je bijvoorbeeld wel herkennen in het transgendergedeelte, maar niet in alles wat de bredere lhbti+ beweging uitdraagt? Kun je zeggen: "Ik ben transgender, maar ik voel mij niet vertegenwoordigd door alles wat onder lhbti+ wordt gezegd of gedaan?" En zo ja, waarom zou dat een probleem zijn? Een identiteit is persoonlijk. Je hoeft toch niet automatisch een volledige beweging te omarmen omdat een onderdeel daarvan bij jouw eigen leven hoort?

Ik denk dat daar meer ruimte voor zou mogen zijn. 

 

Steeds meer letters, steeds meer verhalen

De afkorting is in de loop der jaren steeds langer geworden. Dat is waarschijnlijk ontstaan vanuit de wens om niemand buiten te sluiten. Maar daar ontstaat ook een interessante paradox.

Hoe meer groepen we toevoegen, hoe groter de diversiteit binnen de paraplu wordt. En hoe groter die diversiteit wordt, hoe moeilijker het misschien wordt om te spreken over één gezamenlijke ervaring.

Kun je nog zeggen: "Dit is wat de lhbti+ gemeenschap vindt"?

Of moeten we steeds vaker zeggen: "Dit is wat een deel van de gemeenschap vindt"?

Dat lijkt misschien een klein verschil in formulering. Maar eigenlijk is het een behoorlijk belangrijk verschil.

 

 

Hebben alle groepen dezelfde belangen? 

Dat is misschien nog wel de lastigste vraag. Hebben alle groepen onder de paraplu dezelfde belangen?Waarschijnlijk niet.

  • Een homoseksuele man kan bijvoorbeeld vooral bezig zijn met acceptatie van zijn seksuele oriëntatie.
  • Een transgender persoon kan te maken krijgen met vragen over identiteit, medische zorg, sociale transitie en lichamelijke veranderingen.
  • Een intersekse persoon heeft weer een heel andere geschiedenis en andere vraagstukken.

Dat betekent niet dat deze onderwerpen niet naast elkaar mogen bestaan. Maar misschien moeten we juist erkennen dat verschillend zijn ook betekent dat je verschillende behoeften kunt hebben.

Wie spreekt namens de gemeenschap?

Nog een vraag waar ik benieuwd naar ben. 

Wanneer een organisatie zegt: "De lhbti+ gemeenschap vindt..."  Over wie hebben we het dan eigenlijk? 

Is het realistisch dat er namens mij als persoon met genderdysforie wordt gesproken? Of namens een bepaalde groep? En hoe weten we dat? 

Want misschien zijn er wel heel veel mensen die een andere mening hebben,en minder zichtbaar zijn. Niet omdat ze niets te zeggen hebben. Maar omdat ze misschien niet het gevoel hebben dat daar ruimte voor is. 

Een andere mening maakt je niet minder jezelf. Dit sluit ook aan bij mijn vorige blog. Want misschien is dat uiteindelijk wel het belangrijkste punt. Je kunt transgender zijn en een andere mening hebben. 

  • Je kunt homoseksueel zijn en een andere mening hebben. 
  • Je kunt intersekse zijn en een andere mening hebben. 
  • Je kunt jezelf onderdeel voelen van de lhbti+ gemeenschap en toch kritisch zijn op delen van die gemeenschap.

 

Dat zou niet vreemd moeten zijn.

Dat zou juist normaal moeten zijn.

 

Een gemeenschap die ruimte vraagt voor diversiteit, zou ook ruimte moeten kunnen geven aan diversiteit van meningen. 

  • Misschien zijn we niet één gemeenschap. 
  • Misschien hoeven we helemaal niet te kiezen.
  • Misschien kunnen we erkennen dat we verschillende gemeenschappen zijn die elkaar op bepaalde momenten vinden.

Een beetje zoals verschillende eilanden die met bruggen met elkaar verbonden zijn. De eilanden zijn niet hetzelfde. Maar de bruggen zorgen ervoor dat je elkaar kunt bereiken. Misschien is dat wel een betere manier om naar lhbti+ te kijken. Niet: "Wij zijn allemaal hetzelfde." Maar:"Wij zijn verschillend, en toch kunnen we elkaar respecteren."

En misschien is dat juist de kracht. 

 

Misschien mogen we juist zeggen:

  • Wij hebben verschillende verhalen.
  • Wij hebben verschillende ervaringen.
  • Wij hebben verschillende belangen.

En ja...wij zijn het soms met elkaar oneens. Maar dat hoeft niet automatisch te betekenen dat we tegenover elkaar staan. Want acceptatie betekent naar mijn idee niet dat je iedereen hetzelfde moet vinden. 

Respect betekent ook niet dat je het met iedereen eens moet zijn. En solidariteit betekent niet dat je je eigen mening moet opgeven. 

 

 

Misschien begint echte inclusie juist daar. Bij het moment waarop iemand binnen de paraplu kan zeggen: "Ik denk hier anders over." Zonder dat die persoon daardoor meteen buiten de paraplu wordt gezet. 

 

Tot slot

 

De lhbti+-paraplu is groot geworden. Misschien wel groter dan ooit.

Maar hoe groter de paraplu wordt, hoe belangrijker het wordt om niet te vergeten dat de mensen eronder allemaal hun eigen verhaal hebben.

 

Dus misschien moeten we niet langer alleen vragen: "Hoe krijgen we iedereen onder dezelfde paraplu?" Maar ook: "Is er onder die paraplu voldoende ruimte om verschillend te zijn?" Want uiteindelijk is dat misschien wel de mooiste vorm van diversiteit: 

Niet dat we allemaal hetzelfde denken, maar dat we verschillend mogen denken zonder elkaar het recht te ontzeggen.